Botanische herkomst
1. Honingdauwelementen
- geen relatie met nectarbronnen
2. secundaire inbreng (A–Z)
- windbloeiers, deze worden NIET meegenomen in procentuele samenstelling
3. Tamme kastanje en [Vergeet-mij-nietjes]
- buiten beschouwing laten bij het tellen
- pas bij 80-90% meetellen omdat het dan monoflorale honing kan zijn
4. Monoflorale honing
- als voldaan is aan het pollenaandeel
Naslag
Richtlijn zoals vermeld in Pollenanalyse - Stuifmeelonderzoek van Honing, van der Ham, 1999.