Skip to content

Valse acaciahoning (Robinia pseudoacacia)

Herkenning hoofdpollen

  • smalle colpi en onscherp begrensde poren
  • poren barsten vaak bij het insluiten

Pollenafmeting en vorm

Kenmerk Waarde
Pollenkorrelgrootte 30 μm (Medium)
Vorm driehoekig tot rond, sferoid tot optisch gering oblaat
Polariteit isopolair
P/E-ratio 0.89

Pollenklasse

Kenmerk Waarde
Aperturen tricolpaat, enkele pollen tetracolporoidaat
Ornamentatie scabraat, aperturen zonder ornamentatie

Afbeeldingen

Externe determinatiebronnen

Pollen die erop lijken

  • Rosaceae
  • Rubus spp

Relevante neven- en bijpollen

Melissopalynologische interpretatie

Aandeel in de monoflorale honing

  • Representatiegroep: Groep I (meestal) ( minder dan 20.000 pollenkorrels per 10 gram).
  • minstens 20%
  • pollen zijn ondergerepresenteerd
  • hoofdpollen 0,27%, neven 3.87% en bij 5.27% van Belgische honing (Martens)
  • 30% van alle onderzochte Nederlandse honing
  • pollen percentage 1-23%
  • 7-60% Persano Oddo

Pollengehaltes ("pollengehaltes")

Bron Absolute pollengehaltes (per 10 g)
Demianowics 1.220
IHC (Europese honing) -
Sawyer -

Palynologische betekenis

  • robinia honing
  • vaak foutief acacia honing genoemd
  • vloeibaar door hoge fructose aandeel
  • erg licht van kleur en smaak

Sleutels

Beug:

van der Ham

Sawyer

Botanische achtergrond

  • Nectarium in de wand van het vruchtbeginsel

Taxonomie:

Nectar- en pollenwaarde + (start/einde) bloeitijd: [bron: imkerpedia]

Soort Nectar Pollen Start Einde
Ligustrum vulgare N 5 P 5 5 6

Naslag