Skip to content

Kastanjehoning (Castanea sativa)

Herkenning hoofdpollen

Pollenafmeting en vorm

Kenmerk Waarde
Pollenkorrelgrootte 16 (14.6-17.1) μm (Small) 11-15 paldat
Vorm driehoekig (angulair), prolaat
Polariteit isopolair
P/E-ratio ca. 1.24

Pollenklasse

Kenmerk Waarde
Aperturen tricolporaat
Ornamentatie psilaat, aperturen geen ornamentering

Afbeeldingen

Externe determinatiebronnen

Pollen die erop lijken

  • Fagaceae-familie (napjesdrager familie (napje op/om de vrucht), beukenfamilie).
    • Kleine, driehoekige pollen (tricolporaat). Exine psilaat, aperturen zonder ornamentering.

Relevante neven- en bijpollen

Melissopalynologische interpretatie

  • in 23% van Nederlandse onderzochte honingmonsters
  • blijft lang vloeibaar vanwege hoge fructose en lage glucose gehalte
  • kastanje is goede bron van nectar en pollen, maar kan ook honingdauwhoning opleveren

Aandeel in de monoflorale honing

  • Groepsindeling: Groep III (100.000-500.000 pollenkorrels per 10 gram honing).
  • Oververtegenwoordigde pollen
  • Tenminste 90% pollen nodig voor monoflorale honing
  • Meer dan 86% pollen Persano Oddo
  • Kan in grote aantallen aanwezig zijn, pas meetellen vanaf 80 of 90%

Pollenhoeveelheid

Bron Absolute pollenhoeveelheid (per 10 g)
Demianowics -
IHC (Europese honing) 288.200
Sawyer 1.000.000

Palynologische betekenis

Sleutels

Beug: 14 Tricolporatae - PK sculpturen psilaat, scabraat, verrucaat of microverrucaat

  • 1 PK is niet gedrongen knotsvormig tot afgerond driehoekig, niet of slechts licht heteropolair en vervolgens PForml, meestal onder 1,0 en PK groter dan 30 μm. [castanea is wel kleiner]
  • 3 Geen intercolpien met inkepingen subpolair
  • 4 In equatorgebiedgeen uitpuilen de colpen of PForml groter dan 1,0. Colpitransversales, indien aanwezig, kan het uitpuilen (capsicumtype)
  • 11 Colpi middenlang tot zeer lang
  • 16 Colpi zonder opercula of equatoriaal niet verdikt
  • 18 Tectum hoogstens net zo dik als het endexine, meest dunner. PK scabraat of psilaat
  • 23 Columella niet herkenbaar
  • 28 Endexines behalve af en toe een costae zonder merkbare verdikking; Geen van beide de binnenste en buitendiameter van de PK is equatoriaal kleiner dan subequatoriaal of Subpolair
  • 29 Exine dunner dan 2 µm
  • 31 Poren of colpi niet ingesnoerd (geen 'vlinder poren')
  • 35 PK NIET "sferoid tot prolaat, als gevolg van uitpuilende colpi ter plaatse van de equator driehoekig. Polair veld klein"
  • 37 Colpi transversales breed (niet smal, spleetvormig krap)
  • 43 PK psilaat of onduidelijk scabraat, intercolpi ongeveer convex
  • 44 PK kleiner dan 35 µm
  • 45 Exine niet of niet overal dikker als het tectum of endexine under 1,5 µm dik
  • 46 PFeldI < colpi transversales meestal onregelmatig begrenst
  • 14.26 Castanea

van der Ham

  • 1 monaad
  • 3 zonder luchtzakken
  • 4 zonder vensters
  • 5 meerdere aperturen
  • 9 3 aperturen
  • 12 colporaat
  • 36 tricolporaat
  • 39 psilaat
  • 40 zonder equatoriale verdikkingen
  • 41 zijaanzicht rond tot iets prolaat (P groter dan E) (geen rechte of holle zijde)
  • 44 in zijaanzicht P duidelijk groter dan E
  • 51 in zijaanzicht elliptisch tot stomp ruitvormig (niet rechthoekig)
  • 52 pori duidelijk rond tot langwerpig (dwars) (niet onduidelijk of H-vormig)
  • 53 ornamentatie psilaat
  • 54 PK in zijaanzicht smal elliptisch, pori in bovenaanzicht tussen de hoekpunten [to be verified][wordt bedoelt dat door NIET uitpuilende colpi tpv de equator de pollen niet driehoekig worden?]

Sawyer

  • zeer klein
  • ovaal uitgerekt, driehoekig
  • 3 aperturen
  • colporaat
  • glad of ongedefineerd
  • exine dun

Botanische achtergrond

Taxonomie:

Nectar- en pollenwaarde + (start/einde) bloeitijd: [bron: imkerpedia]

Soort Nectar Pollen Start Einde
Castanea sativa N 5 P 5 6 6

Naslag